Over water. Op wolken. Of gewoon met de voeten op de grond. Maar even, heel even springen we een gigantisch gat in de lucht! Roepen, neen, schreeuwen we het van de daken! Maken we vreugdedansjes…
Een mens zoals de onmens. De ontembare drang iets moeten hebben en absoluut iemand zijn. Terwijl onze geboorte ook wel elke dag een beetje sterven is. In een bubbel van schijngelukkige karakters. Vol duimpjes en hartjes

